Welkom

Voorwoord

Water is een vitaal, bijzonder en waardevol product. Onmisbaar ook. Om te kunnen garanderen dat 2,5 miljoen inwoners en ruim 50.000 bedrijven in Noord-Brabant 24 uur per dag, zeven dagen in de week kunnen rekenen op zuiver drink- en industriewater, moeten we continu alert zijn. Op kansen en ontwikkelingen, maar ook op risico’s en dreigingen. Het vraagt van ons dat we op alle gebieden in control zijn: van de zorg voor bron, natuur en mens tot de garantie dat onze financiële zaken op orde zijn. Daarnaast zijn fysieke beveiliging, cyberbeveiliging en de crisisorganisatie belangrijke aandachtspunten.

Op sommige dingen hebben we als Brabant Water geen directe controle, zoals het weer. Soms is het te nat, dan weer te droog. De lange, hete zomer van 2018 zorgde voor pieken in de watervraag en was een soort live-stresstest voor ons, waarvoor we gelukkig op alle punten zijn geslaagd. Daar ben ik uiteraard trots op, maar de verwachting is dat we steeds meer te maken krijgen met droge periodes. Bovendien neemt de welvaart en het aantal huishoudens toe. Dit stelt ons in toenemende mate voor de uitdaging om, samen met de omgeving, verantwoord met de groeiende watervraag om te gaan.

Voor een robuuste drinkwatervoorziening en bescherming van onze bronnen – nu én in de toekomst – werken we nauw samen met de Provincie en andere waterpartners in Noord-Brabant. Daarnaast hebben we het Deltaplan Waterbesparing opgezet. Daarin staat enerzijds de duidelijke doelstelling om water te besparen in ons eigen productieproces en anderzijds de ambitie om de watervraag bij klanten te ‘verslimmen’ en daardoor te matigen. Hiervoor zetten we onder meer een bewustwordingscampagne in en bieden we bedrijven ondersteuning op het gebied van waterbesparing.

In ons MVO-verslag leest u wat we hebben gedaan op het gebied van maatschappelijke betrokkenheid, mens, natuur en milieu. In dit jaarverslag presenteren we de Jaarrekening 2018 en leggen we verantwoording af over het gevoerde beleid. Beide thema’s zijn binnen Brabant Water volledig met elkaar verweven. We wegen onze keuzes bewust af met oog voor people, planet en profit. Alleen door hierbij steeds te zoeken naar de goede balans, kunnen we daadwerkelijk zeggen dat we verantwoord ondernemen.

Guïljo van Nuland, Algemeen Directeur

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Over Brabant Water

Over Brabant Water

Brabant Water NV levert drink- en industriewater aan 2,5 miljoen inwoners en aan 50.000 bedrijven in Noord-Brabant en een klein gedeelte van Zeeland. Wij winnen, zuiveren en distribueren water van uitstekende kwaliteit, tegen de laagst mogelijke kosten en met een hoge leveringsbetrouwbaarheid.

Met (inclusief de dochterondernemingen) bijna 800 medewerkers, dertig waterproductiebedrijven en een hoofdleidingnet van ruim 18.000 kilometer leveren we jaarlijks zo’n 180 miljoen mᵌ water. Circa 60% van het drinkwater is bedoeld voor huishoudelijke klanten. Zij gebruiken het water voor consumptie en andere huishoudelijke toepassingen. Het overige drink- en industriewater gaat naar bedrijven en instellingen die het inzetten voor hun bedrijfsvoering en processen. Ook leveren we maatwerkproducten aan bedrijven, zoals water voor laagwaardig gebruik of water dat een speciale behandeling heeft ondergaan.

Ons hoofdkantoor is gevestigd in ‘s-Hertogenbosch, met een nevenvestiging in Breda. De jaaromzet is ongeveer 200 miljoen euro. Brabant Water NV is een structuur-NV. De aandelen van onze vennootschap zijn voor 31,6% in handen van de provincie Noord-Brabant. De overige aandelen zijn in het bezit van gemeenten in het voorzieningsgebied.

Wij ontlenen de grondstof voor ons drinkwater (grondwater) rechtstreeks aan de natuur. Daarom gaat onze zorg niet alleen uit naar onze bronnen, maar ook naar de natuur die deze bronnen beschermt.

We streven naar een duurzame watervoorziening van bron tot kraan, voor nu en in de toekomst. Om onze doelstellingen te realiseren, werken we klantgericht, kostenbewust en met actieve zorg voor mens, milieu en maatschappij. Dit doen we zoveel mogelijk in afstemming en samenwerking met andere organisaties.

 

Sociale gegevens

Sociale kengetallen

per 31 december 2018 (enkelvoudig)

 

 

Onze inzet op MVO

Onze inzet op MVO

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen zit in het Brabant Water-DNA. We zijn bevlogen in ons werk en hebben daarbij oog voor mens, natuur en milieu. We hanteren een duurzame bedrijfsvoering en spannen ons er bewust voor in om bij het uitvoeren van onze kerntaak maatschappelijk van toegevoegde waarde te zijn.

 

Zo werken we bijvoorbeeld aan het veiligstellen van onze natuurlijke bronnen voor de huidige én toekomstige generaties, betrekken we onze klant actief bij het verbeteren van onze dienstverlening, houden we het drinkwater betaalbaar en zijn we een betrokken werkgever en erkend leer-werkbedrijf. Ons MVO-beleid heeft zich het afgelopen jaar vooral gericht op:

  • (Verbeterd) klimaatneutraal ondernemen;
  • Zero waste realiseren;
  • Slimmer omgaan met water;
  • De biodiversiteit in onze natuurgebieden bevorderen;
  • Meer jongeren betrekken bij (het belang van) kraanwater
  • Verhogen van de klanttevredenheid en klantbeleving
  • Onze kennis delen in binnen- en buitenland.

 

Op deze onderdelen hebben we in 2018 het volgende bereikt:

  • Verdere reductie van energiegebruik met 0,3% ten opzichte van 2017. Ten opzichte van 1990 betekent dit inmiddels een reductie van 12,7%.
  • De realisatie van zonnepanelen op zes productielocaties, waardoor we nu zestien zonnestroominstallaties hebben die in totaal 7,5% van onze stroom zelf opwekken.
  • Bijna twaalfduizend ton reststof die vrijkomt in ons productieproces (zoals ijzer- en kalkhoudend slib, kalkpellets, kalkkorrels en gebruikt filterzand) wordt hergebruikt. Dit komt overeen met nagenoeg 100% hergebruik.
  • Met een bewustwordingscampagne via sociale media bereikten we ruim een half miljoen klanten met tips om slimmer om te gaan met water.
  • We werkten aan onderzoek en monitoring met betrekking tot duurzaam terreinbeheer en hebben
    opnieuw het certificaat Barometer Duurzaam Terreinbeheer niveau goud behaald.
  • Onze klanten waardeerden onze dienstverlening met een 8,2.
  • We gaven ruim 200 gastlessen over drinkwater aan basisschoolkinderen.
  • Via het samenwerkingsverband Vitens Evides International (VEI) hebben 17 van onze medewerkers hun kennis en kunde ingezet bij projecten in negen landen.

 

We vinden het belangrijk om transparant te zijn over onze inzet op het gebied van maatschappelijke betrokkenheid. Daarom leggen we daarover uitgebreid verantwoording af in ons MVO-verslag 2018, dat naast dit jaarverslag is opgemaakt. In het MVO-verslag laten we zien dat onze rol niet ophoudt bij goede watervoorziening aan onze klanten, maar zich richt op veel bredere maatschappelijke belangen. Brabant Water neemt de verantwoordelijkheid om waarde toe te voegen aan de omgeving. Daarbij streven we voortdurend naar een optimale balans tussen people, profit en planet.

Financiën

Financieel beleid

Het verslagjaar 2018 wordt afgesloten met een positief resultaat van 26,8 miljoen euro, dat conform het door de aandeelhouders vastgestelde financieel beleid wordt toegevoegd aan de Algemene Reserve.

Hoofdelementen van dit financieel beleid zijn het handhaven van een toereikend weerstandsvermogen in combinatie met een restrictief tarievenbeleid. Dit toereikend weerstandsvermogen stelt ons in staat de in de komende jaren toenemende investeringen financierbaar te houden en risico’s die samenhangen met veranderende klimatologische omstandigheden te kunnen dragen.

Onder het eerder vermelde restrictieve tarievenbeleid verstaan we een tariefontwikkeling die zo mogelijk stabiel is in de komende jaren, maar die in elk geval gemaximeerd is op de geldende inflatiecijfers. Dit beleid is gunstig voor onze huidige klanten, want bij effectuering hiervan is in reële zin sprake van een dalende of in het uiterste geval gelijkblijvende drinkwaternota.

In 2018 zijn de variabele tarieven voor onze huishoudelijke klanten gedaald ten opzichte van 2017. Het tarief voor een m3 ging van 46,15 cent naar 43 cent. Het vastrecht bleef gelijk, waardoor de gemiddelde huishoudelijke klant een integrale tariefdaling heeft ervaren van 2%. Voor grootzakelijke klanten was de tariefdaling groter vanwege een sterke daling in het capaciteitstarief. Met deze tariefwijzigingen is voorkomen dat het wettelijk toegestane resultaat wordt overschreden en zijn onze tarieven meer in lijn gebracht met onze kostenstructuur. De inflatie over 2018 bedroeg 1,4%. In reële termen betekende dit voor onze klanten dus een duidelijk dalende waterrekening.

 

Resultaat 2018 ten opzichte van 2017
Vorig jaar reeds zijn de effecten verwerkt van de hoogte van de overnamesom voor de in het verleden overgenomen activa van de NV TWM, zoals die in het conceptrapport van de door de Rechtbank ingestelde Commissie van Deskundigen in 2017 is bepaald. In 2018 zijn intensieve gesprekken met de NV TWM gevoerd om te komen tot een minnelijke oplossing, gebaseerd op de adviezen van de Commissie van Deskundigen. Na het verstrijken van het verslagjaar, maar voor het definitief opstellen van de jaarcijfers is op bestuursniveau een minnelijke akkoord met de NV TWM bereikt inzake de overname van de activa van de NV TWM. Indien het akkoord door de Algemene Vergadering wordt bekrachtigd, komt met dit akkoord een eind aan een bijna 17 jaar lopend dossier. De gesprekken hebben geleid tot een viertal aanpassingen ten opzichte van de reeds verwerkte effecten:

  • De overnamesom voor de activa is met 0,3 miljoen euro neerwaarts bijgesteld.
  • Er is een vergoeding vastgesteld voor het aandeel vreemd vermogen dat door de NV TWM is aangetrokken voor het voorzieningsgebied Goirle. Dit leidt in het verslagjaar tot een extra financieringslast van 2,5 miljoen euro.
  • Gedurende de gesprekken is gebleken dat in eerdere afrekeningen ten onrechte een btw-vordering ter hoogte van 2,1 miljoen met de TWM is verrekend.
  • De rentelasten over de periode 2007 tot en met 2018 zijn herrekend op basis van de overeengekomen uitgangspunten. Dit leidt tot een extra rentelast van 2,6 miljoen euro.

Het bedrijfsresultaat daalde met 5,8 miljoen euro, vrijwel geheel als gevolg van een stijging van de bedrijfslasten. De daling van het resultaat bleef beperkt tot 4,4 miljoen euro, voornamelijk als gevolg van een daling van de financieringslasten.

De daling van de drinkwateropbrengsten bedroeg 2,1 miljoen euro. Deze daling is het gevolg van de in 2018 doorgevoerde daling van het variabele en capaciteitstarief. Ceteris paribus zou dit hebben gezorgd voor een daling van ruim 6 miljoen euro. Als gevolg van de extreem hoge afzet is de daling van de omzet echter beperkt gebleven. De extra afzet was namelijk goed voor een omzet van ruim 4 miljoen euro.

De omzet van de ‘en gros’-levering steeg met 0,2 miljoen euro als gevolg van de warme zomer. De omzet uit ander water dan drinkwater daalde ten opzichte van 2017 licht (0,1 miljoen euro).

De omzet van de dochters (KWO-activiteiten, technische ondersteuning en exploitatie van installaties) is ten opzichte van 2017 met 2 miljoen euro gestegen, onder andere als gevolg van een overname van een KWO-installatie in Eindhoven, uitbreiding op het gebied van industriewater (installatie bij Mars), uitbreiding van de dienstverlening op het gebied van geothermie en een aanzienlijke (0,6 miljoen euro) groei in de dienstverlening door Hydroscope.

De geactiveerde productie steeg als gevolg van toegenomen investeringsactiviteiten met 0,2 miljoen euro ten opzichte van 2017. De overige opbrengsten waren circa 0,3 miljoen euro lager dan in 2017. Deze opbrengsten hebben betrekking op de levering van producten en diensten die aan de waterlevering zijn gerelateerd, zoals administratieve dienstverlening aan derden (‘meeliften’).

Binnen de bedrijfslasten steeg het totaal aan salarissen en sociale lasten met 2,6 miljoen euro, voornamelijk als gevolg van een loonstijging van 2%. Daarnaast is met name het bedrag aan pensioen- en ziektekostenpremies sterk gestegen.

De kosten van grond- en hulpstoffen waren hoger (0,4 miljoen euro) dan in 2017. Belangrijke oorzaak zijn de gestegen energiekosten, zowel als gevolg van prijs- als volumestijging. Daarnaast is er meer kalkpoeder en natronloog ingekocht, samenhangend met de toegenomen ontharding. De kosten van uitbesteed werk daalden eveneens met 0,4 miljoen euro, voornamelijk als gevolg van verlaging van onderhoudskosten. De overige bedrijfskosten zijn gestegen met 2,1 miljoen euro. Deze stijging is voornamelijk het gevolg van de verwerking van het voorlopige akkoord inzake de overname van NV TWM (zie bovenstaand).

De kapitaallasten (afschrijvingen, overige waarde-mutaties en financieringslasten) laten ten opzichte van 2017 een daling zien van 0,6 miljoen euro. De afschrijvingen stegen met een bedrag van 1,0 miljoen euro. Deze stijging is voornamelijk veroorzaakt door toegenomen investeringsactiviteiten.

Het saldo van financiële baten en lasten – waaronder ook opgenomen het relatieve aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen – is gestegen met 1,6 miljoen euro, maar blijft per saldo negatief. De stijging is het gevolg van hogere eenmalige extra rentekosten in 2017 met betrekking tot de overname van de activa van de NV TWM.

 

Voorzieningen
In 2018 is het totale voorzieningenniveau per saldo gestegen met 10,4 miljoen euro. Deze stijging is enerzijds het gevolg van de reguliere dotatie die nodig is om met name de Voorziening amovering transport- en distributieleidingen op het gewenste niveau te houden. Anderzijds is de dotatie aan deze voorziening hoger dan in 2017 als gevolg van een verlaging van de rekenrente. Verder nam de Voorziening arbeidsongeschiktheid toe als gevolg van een groeiende instroom in de WIA.

 

Bestemmingsreserve
In het verleden is binnen het eigen vermogen ten laste van de overige reserves een bestemmingsreserve gevormd ter hoogte van 25 miljoen euro. Uitgaande van bekrachtiging door de Algemene Vergadering van het bereikte minnelijk akkoord inzake de overname van de NV TWM wordt deze bestemmingsreserve niet langer gehandhaafd, maar toegevoegd aan de overige reserves.

 

Treasury
Brabant Water NV heeft in 2018 een bescheiden negatieve kasstroom gerealiseerd. De negatieve kasstroom hangt voornamelijk samen met een sterke daling van de kasstroom uit financieringsactiviteiten. In het verslagjaar zijn geen leningen aangetrokken, terwijl er wel op bescheiden schaal middelen langjarig zijn uitgezet.

De gelden die niet direct noodzakelijk zijn voor hetzij operationele activiteiten hetzij voor het financieren van investeringen worden belegd conform de richtlijnen vastgelegd in het Financieel Statuut van Brabant Water NV. Dit statuut voorziet in een zeer risicomijdend beleggingsbeleid waarbij aangesloten is bij bepalingen uit de Wet Financiering Decentrale Overheden en staat het aangaan van open posities middels derivaten niet toe. Overigens waren er ultimo 2018 ook geen andere derivatencontracten aanwezig binnen Brabant Water NV.

In verband met de stijgende investeringen en de dalende tarieven zijn de overtollige liquide middelen grotendeels aangehouden op spaarrekeningen teneinde zo flexibel mogelijk te zijn.

 

Toegestane vermogenskosten (WACC) en solvabiliteit
Met de invoering van de Drinkwaterwet zijn met ingang van 2012 wettelijke eisen gesteld aan de toegestane hoogte van de vermogenskosten die betrekking hebben op drinkwateractiviteiten. Vermogenskosten zijn gedefinieerd als de kosten van eigen en vreemd vermogen. De kosten van vreemd vermogen zijn de rentelasten over de afgesloten leningenportefeuille; de kosten van eigen vermogen zijn gelijk aan het gerealiseerde resultaat.

Voor de jaren 2018 en 2019 zijn de vermogenskosten (WACC) gemaximeerd op 3,4% van het balanstotaal verminderd met de liquide middelen. Jaarlijks vindt aan de hand van de jaarrekening en na correctie voor niet-drinkwateractiviteiten door de Minister van I&M toetsing plaats of aan deze wettelijke eis is voldaan. Aan de hand van de voorliggende jaarrekening kan – na eliminatie van de niet-drinkwateractiviteiten – een WACC berekend worden van ongeveer 2,4%. Brabant Water NV blijft daarmee binnen de voor 2018 wettelijk toegestane WACC.

In de Drinkwaterwet is tevens vastgelegd dat de toegestane solvabiliteit een maximum kent van 70%. Hiervan kan (tijdelijk) afgeweken worden als een individueel bedrijf toekomstige verplichtingen kent waardoor een hoger maximum gerechtvaardigd is. Op grond van de enkelvoudige balans (de Drinkwaterwet reguleert namelijk uitsluitend drinkwateractiviteiten) kan de solvabiliteit per einde boekjaar berekend worden op 59,3%, dus ruim binnen het toegestane maximum.

In de Drinkwaterwet wordt de maximumsolvabiliteit gereguleerd. Financieel beleidsmatig minstens zo relevant is de vraag naar de te hanteren minimumsolvabiliteit. In 2018 is door de Algemene Vergadering vastgelegd dat de door Brabant Water na te streven solvabiliteit minimaal 50% dient te bedragen.

 

Vennootschapsbelasting
Vanaf 1 januari 2016 is Brabant Water NV vennootschapsbelastingplichtig. Voor de wettelijke drinkwatertaken geldt een vrijstelling van vennootschapsbelasting op grond van artikel 8f lid 1 sub b Wet Vpb 1969. Dit betreft het merendeel van de activiteiten van Brabant Water NV. Activiteiten waar wel vennootschapsbelasting over betaald moet worden zijn onder andere de dienstverlening aan derden (beheer terreinleidingen van bijvoorbeeld recreatieparken), verhuur van (voormalige) dienstwoningen, verpachting van grond en de verkoop van reststoffen. Met de Belastingdienst is in 2018 overleg gevoerd over de toepassing van een tweetal vrijstellingen. Dit heeft geresulteerd in het toekennen van een vrijstelling voor de diensten verleend aan Hydrocare. Mede als gevolg hiervan is het te betalen bedrag aan vennootschapsbelasting over de jaren 2016 en 2017 fors lager dan de eerder aangenomen bedragen. Over 2018 moet over de niet vrijgestelde activiteiten door Brabant Water NV 0,3 miljoen euro vennootschapsbelasting worden betaald.

 

Investeringen
In 2018 kwam voor een bedrag van circa 80 miljoen euro aan investeringswerken gereed en vond activering van deze werken plaats. De daadwerkelijke investeringsuitgaven over 2018 bedroegen 77 miljoen euro. Het verschil tussen de daadwerkelijke uitgaven en de waarde van de gereedgekomen investeringen wordt veroorzaakt door het verloop van de post ‘Werken in uitvoering’.

De in financiële omvang belangrijkste investeringswerken in 2018 betroffen in de distributiesfeer de aanleg en vervanging van hoofd- en aansluitleidingen In 2018 werd hiertoe een bedrag van 59 miljoen euro geïnvesteerd. In de productiesfeer werd voor een bedrag van 12 miljoen euro investeringen gedaan in bouw en renovatie van een aantal productielocaties.

 

Vooruitblik op 2019
In 2019 blijven de tarieven ongewijzigd. Desalniettemin wordt een lichte daling van de drinkwateropbrengsten verwacht omdat een herhaling van de extreem warme zomer niet voor de hand ligt. De totale opbrengsten zullen echter stijgen in verband met een stijging van met name de geactiveerde productie. De operationele kosten zullen voornamelijk als gevolg van het wegvallen van de TWM-effecten dalen ten opzichte van 2018. Als gevolg van bovenstaande ontwikkeling wordt daarom een bescheiden stijging van het resultaat verwacht.

Ten aanzien van het personeelsbestand wordt voor 2019 verwacht dat de bezetting min of meer gelijk is aan die van 2018.

In 2019 zullen de investeringen ten opzichte van 2018 verder stijgen. Het gros van de investeringen betreft wederom investeringen in vervanging en uitbreiding van ons leidingnet.

Overige gegevens

Bericht van de Raad van Commissarissen

Jaarrekening
Het Bestuur van Brabant Water NV heeft ons de opgemaakte jaarrekening over het jaar 2018 voorgelegd, samen met het verslag over het door hem gevoerde beleid. De Raad van Commissarissen (hierna: de Raad) heeft de opgemaakte jaarrekening over 2018 laten controleren door Deloitte Accountants. De goedkeurende controleverklaring van de onafhankelijke accountant is in het verslag onder de Overige gegevens opgenomen.

De Raad heeft besloten de jaarrekening in de opgemaakte vorm door te sturen naar de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (hierna: de Algemene Vergadering) en stelt u voor de Jaarrekening 2018 ongewijzigd vast te stellen. Verder stelt de Raad u voor decharge te verlenen aan het Bestuur voor haar bestuur en aan de Raad voor zijn toezicht.

 

Corporate Governance
De Raad en het Bestuur onderschrijven het belang van transparantie en deugdelijk ondernemingsbestuur voor Brabant Water NV. Om deze reden wordt de Corporate Governance Code vrijwillig toegepast voor die onderdelen die ook voor onze onderneming aan de orde zijn.

Brabant Water NV is een naamloze vennootschap waarop het verzwakt structuurregime van toepassing is. Dit betekent onder andere dat het Bestuur wordt benoemd door de Algemene Vergadering op bindende voordracht van de Raad. De Algemene Vergadering benoemt eveneens, op voordracht van de Raad, de commissarissen. De verhoudingen tussen de Algemene Vergadering, de Raad en het Bestuur zijn vastgelegd in de statuten en in diverse regelingen. Ook zijn voor de vaste commissies van de Raad reglementen opgesteld. Deze stukken zijn ook op de website van Brabant Water NV gepubliceerd.

 

Samenstelling en omvang van de Raad
De met de Algemene Vergadering overeengekomen samenstelling en omvang van de Raad is sinds 2014 de volgende:

  • twee leden met een actieve functie in het openbaar bestuur van een aandeelhoudende gemeente (categorie A);
  • een lid op voorstel van het College van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant (categorie B);
  • een lid op basis van het versterkt aanbevelingsrecht van de Ondernemingsraad (categorie C);
  • een lid, niet vanuit de bovengenoemde achtergronden (categorie D).

Per 1 juli 2018 is mevrouw J.A.M. Thijs-Rademakers reglementair afgetreden als lid van de Raad. De Algemene Vergadering heeft in haar vergadering van 22 juni 2018 de heer M.W.A.M. van Stappershoef benoemd als nieuw lid. Ook is in deze vergadering de heer H.B. Hieltjes voor een tweede en laatste termijn herbenoemd als lid van de Raad. De Raad heeft vervolgens in haar vergadering van 17 oktober 2018 de heer Hieltjes benoemd tot vicevoorzitter van de Raad en de heer Van Stappershoef tot secretaris van de Raad en tot lid van de Auditcommissie.

Per 1 januari 2011 is de Wet Bestuur en Toezicht in werking getreden. De wet bevat onder andere een bepaling over een evenwichtige verdeling van zetels over mannen en vrouwen. De wet gaat uit van een evenwichtige verdeling van ten minste 30% mannen en ten minste 30% vrouwen.

Per 31 december 2018 bedraagt de verdeling in de Raad 60% mannen en 40% vrouwen. De Raad is daarmee volgens de wet op dit punt evenwichtig samengesteld.

Het Bestuur van de vennootschap bestaat uit één statutair directeur.

De samenstelling van de Raad per 31 december 2018 is opgenomen op pagina 9 van dit Jaarverslag.

 

Invulling toezicht
De Raad kwam in 2018 regulier vijfmaal in vergadering bijeen. Bij deze vergaderingen is het Bestuur aanwezig geweest. Tijdens de vergaderingen en in overige contacten met het Bestuur heeft de Raad gesproken over de strategie van de onderneming, de behaalde resultaten, de plannen voor de komende periode en alle overige relevante zaken die onder de aandacht van de Raad kwamen of werden gebracht.

In 2018 is door het Bestuur ten behoeve van de Raad een themabijeenkomst gehouden over de watervoorziening in de droge zomerperiode van 2018, in aanwezigheid van de verantwoordelijk teammanager.

In 2018 zijn daarnaast onder andere de volgende onderwerpen aan de orde geweest:

  • Jaarverslag 2017 en het verslag van de accountant
  • MVO-verslag 2017
  • Financiële kwartaalrapportages 2018
  • Begroting en watertarieven 2019
  • Financieel beleid van Brabant Water NV
  • De voortgang van de gerechtelijke procedure over de afwikkeling van de te betalen schadeloosstelling aan de NV Tilburgsche Waterleiding-Maatschappij (TWM)
  • Profielschets Raad van Commissarissen
  • Voordracht benoeming nieuwe commissaris
  • Portefeuilleverdeling binnen de Raad
  • Brabant Water en GenX
  • Grondwaterbeleid van de provincie Noord- Brabant
  • Ontwikkelingen landelijke cao

De Raad heeft twee vaste commissies: de Auditcommissie en de Governancecommissie.

 

Auditcommissie
De Auditcommissie adviseert de Raad bij de uitvoering van zijn taak tot het houden van toezicht op de interne risicobeheers- en controlesystemen en de jaarverslaglegging.

De Auditcommissie heeft in 2018, in aanwezigheid van de accountant, de ontwerp-Jaarrekening 2017 en het ontwerp-Jaarverslag 2017 besproken. Daarnaast heeft de Auditcommissie onder meer vergaderd over de financiële informatieverschaffing (begroting en watertarieven 2019 en realisatiecijfers 2018) en het financieel meerjarenperspectief 2019 tot en met 2028. Ook is de toetsing van de Inspectie Leefomgeving en Transport inzake de drinkwatertarieven 2018 besproken.

 

Governancecommissie
Een van de taken van de Governancecommissie is de Raad te adviseren over de vaststelling van de jaarlijkse remuneratie van het Bestuur, passend binnen het door de Algemene Vergadering vastgesteld bezoldigingsbeleid en de WNT-regels. Overige taken zijn onder andere werving en selectie van leden van de Raad en het Bestuur en governancevraagstukken met betrekking tot de vennootschap.

De Governancecommissie heeft in 2018, buiten aanwezigheid van de bestuurder, informatieve gesprekken gevoerd met vijf leden uit Managementteam en middenkader van Brabant Water alsmede met de gedeputeerde binnen het College van Gedeputeerde Staten, belast met de deelneming Brabant Water. De Commissie heeft bovendien voorstellen gedaan voor de vaststelling van prestatie-indicatoren voor het Bestuur. Deze prestatie-indicatoren richten zich onder andere op diverse relevante onderdelen van de bedrijfsvoering. Ook heeft de Commissie geadviseerd over de vaststelling van de beloning van de bestuurder over 2018 binnen de grenzen van de WNT. Met het Bestuur wordt aanvullend ook een jaarlijks evaluatiegesprek gehouden waarbij gesproken wordt over het functioneren, mede in relatie tot de daartoe door de Raad opgestelde criteria.

 

Tot slot
De Raad spreekt tot slot zijn dank en waardering uit voor de wijze waarop Bestuur, Ondernemingsraad en medewerkers van Brabant Water NV zich in het verslagjaar hebben ingezet voor de belangen van de onderneming.

's-Hertogenbosch, 11 april 2019
Namens de Raad van Commissarissen Brabant Water NV

 

Mr. J.M.L. Niederer, voorzitter
M.W.A.M. van Stappershoef, secretaris

De Raad van Commissarissen met van links naar rechts: mevrouw drs.ir. J.M. Driessen, mevrouw drs. C.J.M.A. van Esch, de heer mr. J.M.L. Niederer en de heer M.W.A.M. van Stappershoef

De heer mr. H.B. Hieltjes ontbreekt op deze foto.